Eerste pijler

Wettelijk pensioen

De eerste pensioenpijler is het zogenaamde wettelijke pensioen, dus de som die de staat uitkeert aan elke beroepsactieve persoon die de pensioenleeftijd bereikt. Het uitgekeerde bedrag hangt af van het aantal jaren dat de werknemer effectief heeft gewerkt en van het niveau van zijn inkomsten (vergeet ook niet dat een ambtenaar een veel groter pensioen ontvangt dan een zelfstandige).

Tweede pijler

Groepsverzekeringen of beleggingsfondsen

De werkgever bouwt een kapitaal op voor zijn werknemer. We hebben het hier over de groepsverzekeringen of pensioenfondsen. Ook daar zijn er grote verschillen, aangezien elk bedrijf meer of minder tot dit systeem kan bijdragen. In ondernemingen waar een dergelijk systeem voorhanden is, kunnen de sommen die de werknemers ontvangen dan ook sterk verschillen van persoon tot persoon.

Derde pijler

Pensioensparen

Naast die twee pijlers heeft iedereen ook nog de keuze om zelf zijn pensioen te financieren. Het eerste middel daarvoor is het zogenaamde pensioensparen of de derde pijler. De staat biedt belastingplichtigen de mogelijkheid om elk jaar een vastgelegde en fiscaal aftrekbare som in een pensioenfonds en/of levensverzekering te storten. Hier vinden we ook Star Fund terug.

Vierde pijler

Individueel sparen en beleggen

Ten slotte kunnen de belastingplichtigen ook een spaarpotje aanleggen voor hun oude dag, maar zonder dat dit fiscaal aftrekbaar is. In de vierde pijler zit dus het individuele sparen en beleggen. Het bedrag is onbeperkt en iedereen kan vrij kiezen welk beleggingsvehikel hij daarvoor het meest geschikt acht. Hier streven we naar een uitgekiend evenwicht tussen rendement en veiligheid.